Balearen · Balearen

Mooiste bezienswaardigheden in Sóller - Wat te doen in Sóller?

Sóller - Ontdek de top 10 Sóller bezienswaardigheden

Header afbeelding van Sóller in Spanje

Ontdek de beste bezienswaardigheden in Sóller

Sóller ligt in een dal in noord-Mallorca, ingeklemd tussen de Serra de Tramuntana en de zee, met sinaasappel- en olijfgaarden tot aan de eerste straten van het centrum. Wat dit stadje anders maakt dan de rest van het eiland: twee Modernisme-gebouwen van Joan Rubió i Bellver (een leerling van Gaudí) recht tegenover elkaar op het centrale plein, een houten trein die er sinds 1912 een uur over doet vanuit Palma, een oranje tram uit 1913 die over straat naar de haven rijdt, en de bergen van de Tramuntana die sinds 2011 op de UNESCO-lijst staan als cultureel landschap.

Kaart Sóller Spanje - waar ligt Sóller

Inleiding tot Sóller

Sóller ligt op tweehonderdvijftig meter hoogte in een natuurlijk dal in noord-Mallorca, met de Tramuntana er omheen die tot bijna vijftienhonderd meter oploopt. Het is een van de vruchtbaarste landbouwgebieden van het eiland: veel bergwater, en een microklimaat dat citrus, olijven en amandelen prima ligt. Diezelfde bergen hebben het stadje lang afgesloten. Tot de tunnel onder de Coll de Sóller in 1997 openging, was de enige weg naar het zuiden een steile kronkelpas die ’s winters regelmatig dicht zat. Vandaar dat de inwoners zelf in 1912 een spoorlijn lieten aanleggen, met dertien tunnels en een paar viaducten, rechtstreeks naar Palma.

Het stadje voelt gelaagd. Rond de Plaça Constitució staat het oude centrum: smalle straatjes, kleine pleinen, stenen herenhuizen met houten luiken, het meeste uit de Middeleeuwen en de zeventiende eeuw. Daar overheen kwam een twintigste-eeuwse laag. Rond 1900 verdienden Sóller-handelaren goed geld met de sinaasappelexport naar Frankrijk en België, en die welvaart financierde een paar Modernisme-gebouwen van Joan Rubió i Bellver. De Església de Sant Bartomeu (1904-1908) en de Banco de Sóller (1912) op het hoofdplein zijn daar de bekendste voorbeelden van op heel Mallorca.

Vijf kilometer verderop ligt Port de Sóller, de natuurlijke haven. Een hoefijzervormige baai met een kiezelstrand, een promenade, een vuurtoren op de zuidelijke kaap en een visservloot die nog dagelijks uitvaart. Sinds 1913 worden stad en haven verbonden door de tramvía, de oranje tram die letterlijk over straat door de sinaasappelgaarden rijdt. Voor Nederlandse reizigers die Mallorca zoeken zonder de drukte van Magaluf of Palma Nova, is Sóller een prima basis voor west-Mallorca, met uitstapjes naar Sa Calobra, Valldemossa en Deià, en de wandelpaden van de Tramuntana voor de deur.

Informatie over Sóller

  • Costa
    Balearen
  • Bevolking
    14.000
  • Gemiddelde temperatuur
    Winter: 11°C
    Lente: 16°C
    Zomer: 26°C
    Herfst: 19°C
  • Dichtstbijzijnde grote luchthaven
    Luchthaven Palma de Mallorca (PMI)
  • Locatie in Spanje
    Balearen

Achtergrond en geschiedenis van Sóller

In de Romeinse periode werd het dal al voor landbouw gebruikt. De naam Solleric komt waarschijnlijk uit het Latijn (sol, zon) of uit een pre-Romeins woord voor zonnig dal. Onder Moors bewind (902-1229) heette de plek Suliar. De Moren brachten irrigatietechnieken mee die het dal tot een van de productiefste van het eiland maakten, met de sinaasappel-, citroen- en olijfgaarden die het landschap nog steeds bepalen. Veel van de watergreppels (séquies) en stenen terrassen die je in de Tramuntana ziet, stammen uit die tijd.

In 1229 nam Jaume I van Aragón Mallorca in en werd het dal opnieuw bevolkt met Catalaanse boeren. Door zijn afgelegen ligging werd Sóller een geliefd doelwit van Berberse piraten uit Noord-Afrika. De grootste aanval was die van 11 mei 1561: 1.700 piraten onder Otxalí landden onaangekondigd in de baai van Port de Sóller en trokken het stadje in. De plaatselijke militie sloeg de aanval een dag later terug. Die gebeurtenis wordt nog elke mei nagespeeld tijdens Festes des Firó, een straatgevecht in historische kostuums tussen “christenen” en “moros”.

In de negentiende eeuw veranderde het stadje door de sinaasappelhandel met Frankrijk en België. Jonge Sóller-mannen trokken naar Marseille, Lyon, Brussel en Antwerpen om de Mallorquijnse sinaasappelen te verkopen, en bouwden met dat geld grote villa’s terug in het dal. Deze sollerics francesos namen de Modernisme-smaak van het vasteland mee, en financierden onder andere de kerk- en bankgevels op het plein. Uit hetzelfde welvaren ontstond het idee voor de spoorlijn: een privé-initiatief van bewoners die af wilden van het isolement. Het Sóller-station opende in 1912, dat van Palma in 1929.

Toerisme kwam pas in de jaren zestig op gang en bleef relatief klein. Anders dan in veel andere delen van Mallorca werd er nauwelijks bijgebouwd; de gemeente koos voor behoud van het centrum en van de landbouw in het dal. In 2011 werd de Serra de Tramuntana opgenomen op de UNESCO-werelderfgoedlijst als cultureel landschap, met name vanwege de combinatie van terrasbouw, séquies en droogstapelmuurtjes. Vandaag draait Sóller op een mix van landbouw, gastronomie, wandeltoerisme en cultureel toerisme.

De top 10 bezienswaardigheden in Sóller

Plaça Constitució en Església de Sant Bartomeu

Het rozetraam-interieur van de Modernista Església de Sant Bartomeu in Sóller

De Plaça Constitució is het centrale plein van Sóller. Onregelmatig driehoekig, deels onder arcaden, met de Sant Bartomeu aan de noordkant, de Banco de Sóller aan de zuidkant en in het midden een achttiende-eeuwse fontein. De oranje tram rijdt over een hoek van het plein en stopt vlakbij. Daaromheen liggen meer cafés en terrassen dan je in een dag kunt afgaan.

De Església de Sant Bartomeu is gewijd aan Sint Bartholomeus, de patroonheilige van Sóller. De eerste kerk hier dateert uit de dertiende eeuw, vlak na de herovering, in een sobere Romaanse stijl. In de zeventiende eeuw kreeg het gebouw een barokke uitbreiding met een hoofdschip en zijkapellen. Tussen 1904 en 1908 herontwierp Joan Rubió i Bellver, een leerling van Gaudí, de hoofdgevel volledig in Catalaans Modernisme.

De gevel heeft getordeerde zuilen, plantmotieven in steen, gekleurde keramiek en een groot roosvenster boven de hoofdingang. De steen is de gele Mallorquijnse zandsteen, maar de detailtaal komt rechtstreeks uit Gaudí’s vocabulaire (Sagrada Família, Casa Batlló). Binnen is het grotendeels barok gebleven, met een orgel uit 1851 en de gebruikelijke rij zijkapellen met polychrome beelden. In de zomer staan er regelmatig concerten en folkloreprogramma’s op het plein, en in mei loopt hier de processie van Festes des Firó.

Bezoekdetails: Plein altijd vrij toegankelijk. Kerk gratis, gesloten tijdens missen. Reken op een uur voor plein plus kerk. Het levendigst tijdens de zaterdagochtendmarkt of bij een vroeg terras.


Banco de Sóller

De Modernista Banco de Sóller op de Plaça Constitució met smeedijzeren puibalkons en stenen gevel ontworpen door Joan Rubió

De Banco de Sóller staat aan de zuidkant van de Plaça Constitució, recht tegenover de kerk. Net als de Sant Bartomeu is hij ontworpen door Joan Rubió i Bellver, en in 1912 opgeleverd als hoofdkantoor van de plaatselijke Banca March. Buiten Palma is dit waarschijnlijk de meest gefotografeerde gevel van het eiland. Smeedijzerwerk, gekleurde keramiek, plantmotieven in steen: standaard ingrediënten van Catalaans Modernisme rond 1900, maar hier in een opvallend compacte compositie samengebracht.

De gevel is verticaal in drieën verdeeld. Op de bovenverdieping zitten smeedijzeren balkons in de vorm van bloemen en bladwerk. In het midden hangt een grote rechthoekige opening met dubbele houten poorten met smeedijzeren beslag. Boven de poorten loopt een fries van gekleurde keramieken tegels in een geometrisch patroon, en daarboven vijf vensters met kerkraampatronen. Op de hoek met de Carrer de la Lluna staat een gekanteelde, hoekige torenspits met een metalen kruis erop.

Het gebouw doet nog steeds dienst als bankkantoor (nu Banco Santander), maar tijdens openingstijden mag je gewoon naar binnen. De hal heeft een hoog gewelfd plafond, gedecoreerde zuilen, mozaïekvloeren en een smeedijzeren trapleuning. Vaak ligt er een folder over de Modernisme-geschiedenis op de balie. Vijftien minuten binnen geeft je een goed beeld; in combinatie met de overkant kun je de twee Rubió-ontwerpen rustig naast elkaar leggen.

Bezoekdetails: Buitenkant altijd zichtbaar vanaf het plein. Interieur op werkdagen tijdens kantoortijden (ochtend en vroege middag). Gratis. Reken op vijftien minuten.


Tren de Sóller

De historische houten Tren de Sóller uit 1912 onderweg door de dennenbossen tussen Palma en Sóller

Het Ferrocarril de Sóller, ter plekke gewoon es Tren, is een van de oudste werkende elektrische treinen van Spanje. De lijn opende in 1912 om de sinaasappelen van het dal naar de markt in Palma te krijgen. De bergpas Coll de Sóller was te steil voor karren met zware ladingen en de zeeweg vanuit Port de Sóller was bij ruw weer onbetrouwbaar. De aanleg duurde twee jaar; er zitten dertien tunnels in met een totale lengte van bijna drie kilometer onder de Tramuntana door.

De houten wagons en messing-interieurs zijn de originele uit 1912, gerestaureerd maar verder onveranderd. De rit van vijfentwintig kilometer doet er iets minder dan een uur over. Je begint in het centrum van Palma op de Plaça d’Espanya, rijdt over de vlakte, dan langs olijf- en sinaasappelgaarden, klimt de eerste uitlopers van de Tramuntana op en duikt uiteindelijk een serie tunnels in door het hoofdmassief richting Sóller. Onderweg passeer je Bunyola en Son Reus, en op een paar plekken opent de bergrug zich met uitzicht over het dal.

Beide stations zijn de moeite waard. Het Estació de Sóller is een eclectisch gebouw uit 1912 met houten lijstwerk, smeedijzer en een gewelfde overkapping. Aan dezelfde locatie hangen werken van Miró en Picasso (zie attractie 8). Het Estació de Palma op de Plaça d’Espanya is soberder, maar even oud. Tickets koop je los of als retour. In het hoogseizoen kun je beter vooraf reserveren of vroeg opstaan; de eerste rit is rustiger en mooier in het ochtendlicht.

Bezoekdetails: Dagelijks meerdere afvaarten van Palma naar Sóller, zes tot zeven per dag in de zomer, minder in de winter. Reisduur een uur. Tickets bij de stations of online. Reken op een dag voor heen en terug, met verblijf in Sóller.


Tramvía de Sóller (oranje tram)

De oranje tram van Sóller rijdt over straat tussen het stadje en de Port de Sóller

De Tramvía de Sóller, de oranje tram tussen Sóller-station en Port de Sóller, rijdt sinds 1913. De lijn is bijna vijf kilometer lang en doet er met haltes onderweg vijftien tot twintig minuten over. Grotendeels rijdt hij over de openbare weg door sinaasappel- en olijfgaarden, en het laatste stuk langs de kustweg naar de haven. Voor toeristen is het deels een attractie, voor de bewoners van het dal nog steeds gewoon openbaar vervoer.

Het rollend materieel is een mengeling. De oudste wagons, type Sigi uit 1913, zijn nog grotendeels origineel: houten banken, koperen handgrepen, open balkons aan de uiteinden. Daarnaast rijden er trams uit Lissabon (overgenomen van het Carris-netwerk) en uit Hannover, allemaal in dezelfde oranje kleur geschilderd zodat het visueel klopt. In de zomer rijdt er elke vijftien minuten een, in de winter elk halfuur. In het zomerseizoen staan de wagons open, wat een prettige luchtige rit oplevert.

De tram vertrekt van het Estació de Sóller, pal naast de Plaça Constitució, en rijdt het dal in onder een soort groen plafond van olijven en sinaasappelbomen. Onderweg passeer je een paar finca’s en kleine dorpjes, en aan het einde maakt hij een steile afdaling naar de zee. In de haven stopt hij op de promenade. Een retour op een zomerse dag met lunch aan zee is voor de meeste bezoekers het hoogtepunt van hun bezoek aan Sóller.

Bezoekdetails: Elke vijftien tot dertig minuten, afhankelijk van het seizoen. Reisduur vijftien minuten. Tickets bij de conducteur of het station. Combineer met de trein uit Palma voor een hele dag onderweg.


Port de Sóller

De hoefijzervormige natuurlijke haven van Port de Sóller met boten, witte huizen en de bergen op de achtergrond

Port de Sóller is de natuurlijke haven van het stadje, in een hoefijzervormige baai vijf kilometer ten noordwesten van het centrum. Twee landtongen sluiten de baai af, wat zorgt voor relatief rustig water. Vergeleken met veel andere kustplaatsen op Mallorca is dit klein en grotendeels verschoond gebleven van grote resorts; je vindt er nog visserij, een fijne kiezelstrand, een promenade en een vuurtoren op de zuidkaap.

De promenade, de Passeig Marítim, loopt langs de hele baai met palmen, banken, restaurants en ijssalons. Aan het noordoostelijke uiteinde ligt het kiezelstrand Platja d’en Repic, met ligbedden en een rustige zwemzone. Aan de westkant zit de visserijhaven; er varen ’s ochtends vroeg nog boten uit en aan het eind van de middag wordt de vangst aangeland. Een aantal kades-restaurants serveert die vis dezelfde dag: lubina, dorada, cap roig, en de Mallorquijnse caldereta de pescador (vissoep).

Voor een wandelingetje met uitzicht is het pad naar de Faro del Cap Gros, de vuurtoren op de zuidelijke kaap, een goede keuze. Het pad start aan het einde van de promenade en doet er drie kwartier over omhoog. Onderweg kijk je terug op de baai en over de uitlopers van de Tramuntana. Boven staat de vuurtoren uit 1842, nog steeds in gebruik, met een caféterras dat rond zonsondergang vol zit. Vanuit de haven vertrekken ook boten naar Sa Calobra, Sa Foradada en de zeegrotten Cova de Sa Costa, in de zomer dagelijks.

Bezoekdetails: Promenade altijd vrij toegankelijk. Strand met ligbedhuur in het seizoen. Vuurtorenwandeling drie kwartier enkele reis. Boottochten dagelijks in de zomer. Reken op een halve dag.


Mercat de Sóller

Het Mercat de Sóller is de overdekte markthal van het stadje, in een gebouw uit 1937 op de Plaça del Mercat, vijf minuten lopen van de Plaça Constitució. Op zondag dicht; verder de hele week open. Op zaterdagochtend wordt het centrum een graadje drukker omdat dan ook de straatmarkt eromheen draait en bewoners hun weekboodschappen komen doen.

De vaste kraampjes binnen zijn vooral voedsel: groente en fruit van boerderijen uit de directe omgeving (met name de zoete taronges blanca en de bloedsinaasappel taronges sangre uit het dal), worst en kaas (sobrassada, butifarró, geitenkaas), vis uit Port de Sóller (lubina, dorada, gambas), brood en banket (de befaamde ensaimada, gató d’ametla, panades) en zelfgemaakte conserven (sinaasappelmarmelade, amandelpasta, chutney’s). Bij meerdere kraampjes kun je staand een tapa nemen met een glas wijn of vermouth.

Op zaterdagochtend (vanaf acht uur) breidt de markt zich uit naar de Carrer Romaguera en de Plaça de Sa Constitució, met extra stalletjes voor textiel, bloemen en planten, leerwerk en handwerk. Het is de drukste dag van de week en de beste gelegenheid om Sóller in volle modus te zien. Door de week is het rustiger en heb je meer ruimte. Reken op een uur, plus een koffie op het plein erna.

Bezoekdetails: Open dinsdag tot zaterdag, ochtend en vroege middag. Zaterdag het drukst. Gratis toegang. Reken op een uur. Vroeg gaan helpt tegen drukte.


Jardí Botànic de Sóller

De Jardí Botànic de Sóller ligt op een hellend terrein aan de zuidoostkant van het centrum, tien minuten lopen vanaf de Plaça Constitució. De tuin opende in 1992 en heeft een dubbel doel: bewaarplek voor inheemse flora van de Balearen en de Canarische Eilanden, en educatie over de relatie tussen mens en plant op die eilanden. Met vier hectare en meer dan vijfhonderd plantensoorten is dit een van de belangrijkere botanische tuinen van het westelijk Middellandse-Zeegebied.

De tuin is verdeeld in thematische zones. Er is een zone met endemen van de Balearen (planten die nergens anders voorkomen), een zone met Canarische (Macaronesische) flora, een mediterrane bostuin, een zone met cultuurgewassen uit het Sóller-dal (sinaasappelen, citroenen, olijven, vijgen, granaatappels) en een verzameling cactussen en vetplanten. Op meerdere plekken staan de oude muren en séquies van de boerderij die hier eerder lag nog overeind, met bordjes over het traditionele Mallorquijnse landbouwsysteem.

Aan de tuin grenst het Museu Balear de Ciències Naturals, een natuurhistorisch museum over de geologie, fauna en flora van de Balearen. De fossielencollectie is het bekijken waard, met onder andere resten van Myotragus balearicus (de uitgestorven endemische dwerggeit van Mallorca) en ammonieten uit het Mesozoïcum. Een gecombineerd bezoek aan tuin en museum duurt zo’n twee uur. Het terras van het tuincafé kijkt uit over het dal en de Tramuntana.

Bezoekdetails: Open dagelijks behalve maandag, beperkte uren in de winter. Bescheiden toegangsprijs (combinatieticket met museum). Reken op twee uur. Goede schoenen aan, het terrein loopt op.


Estació de Sóller en de kunstgalerij

Het Estació de Sóller is niet alleen het eindpunt van de treinrit uit Palma; aan hetzelfde gebouw hangen twee zaaltjes met werk van Joan Miró en Pablo Picasso. Het stationsgebouw zelf, eclectisch uit 1912 met houten lijstwerk en smeedijzer, is in de laatste decennia gerenoveerd. De galerie-functie kwam erbij rond 2000, toen werken uit een bibliotheek- en galeriecollectie hier permanent werden ondergebracht.

De Sala Picasso toont keramiek en grafiek van Pablo Picasso uit de jaren vijftig en zestig: borden, schalen en plaquettes met geschilderde en gekraste motieven van mythologische figuren, stierenvechters en vrouwenkoppen. Voor een bergstadje is dat een ongewone collectie. Toegang is gratis tijdens de openingstijden van het station.

De Sala Joan Miró is een tweede ruimte aan het station, met litografieën, etsen en originele tekeningen van Miró uit de periode 1960-1980. Miró bracht zijn laatste decennia op Mallorca door (in Palma), wat de connectie verklaart. Punten, lijnen, sterfiguren, vlakken kleur: de hele vocabulaire die je van hem kent. Voor wie van moderne kunst houdt zijn beide zaaltjes een logische tussenstop, en samen kosten ze nog geen uur.

Bezoekdetails: Gratis tijdens openingstijden van het station (zeven dagen per week, ochtend tot middag). Reken op een uur voor beide zaaltjes. Combineer met je aankomst of vertrek per trein.


Camí des Barranc

De Camí des Barranc is een oud voetpad tussen het centrum van Sóller en Port de Sóller, deels door een kloof, deels via stukken traditioneel Mallorquijns padwerk. De route volgt de Torrent Major, de hoofdwaterloop van het dal, en is een van de bekendere wandelingen in noord-Mallorca. Het pad maakt deel uit van de GR-221 (Ruta de Pedra en Sec), de meerdaagse trail dwars door de Tramuntana van Pollença naar Andratx.

Van Sóller naar de Port reken je twee uur, voornamelijk dalend (Sóller ligt op tweehonderdvijftig meter, de Port aan zee), totaal zes kilometer. Je loopt eerst door het centrum en over de Carretera del Port, en pakt daarna het echte voetpad door de gaarden en de kloof op. Onderweg kom je langs droogstapelmuurtjes (de pedra en sec waarmee Mallorquijnse boeren al eeuwen terrasbouw doen), olijfbomen die honderden jaren oud zijn, en hier en daar een put of bron.

Omgekeerd, van Port naar Sóller, is het pittiger, maar dan loop je wel met steeds beter uitzicht op het dal naar boven. Een veelgekozen variant: ’s ochtends met de tram naar de Port, lunchen aan zee, daarna in de namiddag terug omhoog door de kloof. Trek goede schoenen aan en neem voldoende water mee; in de zomer ook een hoed en zonnebrand. Het pad is grotendeels onverhard en niet geschikt voor kinderwagens of slecht ter been.

Bezoekdetails: Pad altijd vrij toegankelijk, gratis. Reken op twee uur enkele reis (drie uur omgekeerd). Goede schoenen verplicht. In de zomer het beste in de vroege ochtend of late namiddag.


Sa Calobra en Torrent de Pareis

Sa Calobra hoort strikt gezien niet bij Sóller (het ligt vijfendertig kilometer naar het noorden), maar bijna elke bezoeker maakt het uitstapje. Het is een kleine kustinham aan de monding van de Torrent de Pareis, de dramatischste kloof van het eiland. De weg ernaartoe is een belevenis op zich: een serpentineweg met meer dan twaalf haarspeldbochten die in een halfuur dertig kilometer omslaat over de bergkam.

De Torrent de Pareis is een ravijn dat zich in een paar miljoen jaar in de Tramuntana-kalksteen heeft uitgesleten. Op de smalste punten zit er nog maar een paar meter tussen rotswanden van tweehonderd meter hoog. Aan de monding bij Sa Calobra ligt een kiezelstrandje met helder water, en je kunt een kwartiertje de kloof in lopen tot een punt waar je er alleen op zijn beurt langs kunt. Voor ervaren wandelaars is de complete trekking door de kloof vanaf Escorca een dagvullende route met klauter- en zwempassages, en behoort tot de zwaardere wandelingen van Spanje.

In de zomer is het hier vol; toeristenbussen en huurauto’s stoppen elkaar regelmatig op de smalle weg. Vertrek vóór tien uur of kom terug in de late namiddag, dan is het rustiger. Alternatief: de boot vanuit Port de Sóller. Die doet er in het seizoen dagelijks een uur over en omzeilt de bochtenweg helemaal. Een halve dag is genoeg voor strand en een eindje de kloof in.

Bezoekdetails: Altijd vrij toegankelijk. Beste in de vroege ochtend, of per boot vanuit Port de Sóller. Halve dag inclusief reistijd. Vermijd warme zomerdagen vanwege drukte.

Powered by GetYourGuide

Reistips voor Sóller

Beste tijd om Sóller te bezoeken

April tot juni en september tot oktober zijn de beste maanden voor Sóller. De temperatuur ligt dan tussen zestien en vijfentwintig graden, de sinaasappel- en citroenbomen staan in bloei en de wandelpaden in de Tramuntana zijn goed begaanbaar. Mei is om twee redenen interessant: de bloesem, en het Festes des Firó in de tweede week (een herdenking van de aanval van 1561 met meer dan tweeduizend deelnemers in historische kostuums). Juli en augustus tikken in het dal vaak boven de dertig graden aan en Port de Sóller is dan druk met dagjesmensen; in het stadje zelf valt het door de bergen relatief mee. September is rustiger dan augustus en de zee is nog warm. Oktober is zonnig en kalm, de beachclubs zijn nog open. Winter (december-maart) is mild met twaalf tot vijftien graden overdag, prima voor wandelaars. De zee kan dan ruw zijn bij de Port en een deel van de hotels is dicht.

Vervoersopties van en naar Sóller

Vlieg naar Palma de Mallorca (PMI). Vanaf daar heb je drie opties richting Sóller. De leukste is de trein vanuit het Palma-station op de Plaça d’Espanya: een houten treinstel uit 1912, een uur onderweg door tunnels en olijfgaarden. De auto-route via de tunnel onder de Coll de Sóller doet er vijfendertig minuten over en is bijna het hele jaar open. De oude bergpas erboven duurt vijftig minuten, met uitzicht over het dal onderweg. Met de bus rijdt lijn 204 van Palma naar Sóller, ook ongeveer een uur. Vanuit Alcúdia of Cala Millor heb je een huurauto nodig. In Sóller en de Port zelf is een auto eerder een last dan een gemak; parkeren is beperkt, en voor binnen het dal werken de tram en de fiets prettiger.

Taxi vanaf het vliegveld

Het Ferrocarril de Sóller vanuit Palma (Plaça d’Espanya) is een belevenis op zich, en met bus lijn 1 plus tramticket erbij ook nog redelijk geprijsd. Je bent wel langer onderweg en moet overstappen, dus met veel bagage of net na een vlucht is het niet altijd handig. Liever vooraf een taxi reserveren die je vanaf de aankomsthal oppikt? Dat kan hier:


Praktische tips

Sóller is een populaire dagtrip vanuit Palma, dus voor de minste drukte zit je het beste vóór tien uur of ná drie uur in het centrum. De zaterdagochtendmarkt is op zijn drukst en leukst tussen acht en elf. Het centrum doe je gewoon te voet; alleen voor de Port en de Jardí Botànic moet je iets verder. Voor de wandelpaden in de Tramuntana heb je echte wandelschoenen en bergsportkleding nodig, en let op dat het van mei tot oktober flink warm kan worden. Engels wordt overal goed gesproken; een woordje Spaans of Catalaans helpt. Op zondag en feestdagen is een deel van de restaurants en winkels dicht; plan voor die dagen een uitstapje, of ga naar de Port (waar meer open is). Voor Festes des Firó moet je je accommodatie maanden van tevoren boeken.

Accommodatie in Sóller

Het aanbod in Sóller is klein, maar van een hoog niveau, met de nadruk op boetiekhotels en kleine herenhuishotels in plaats van grote resorts. In het centrum vind je sfeervolle hotels in gerestaureerde negentiende-eeuwse villa’s, vaak met patio, klein zwembad en eigen restaurant. Hotel L’Avenida in Sóller en Hotel Espléndido in de Port zijn klassiekers. Voor een landelijke variant zijn er agroturismes (boerderijhotels) in het dal, met biologische tuinen, sinaasappelgaarden en uitzicht op de Tramuntana. In Port de Sóller zelf staan de moderne strandhotels, geschikt voor wie strand met stedentrip wil combineren. Voor juli en augustus boek je minstens drie tot vier maanden vooruit; in het hoogseizoen hanteren sommige hotels een minimumverblijf van drie tot vijf nachten. In de winter blijven de meeste hotels in het centrum open, in de Port zijn er een aantal dicht van december tot februari.

Restaurants in Sóller

De keuken in het dal leunt sterk op het seizoen, dankzij de eigen sinaasappel- en olijfgaarden. Probeer pa amb oli (brood met olijfolie en tomaat), tumbet (gestoofde groenten met aubergine, paprika en aardappel), arròs brut (rijst met varkensvlees en konijn), llom amb col (varkensvlees in koolblad) en in het seizoen taronges de Sóller (vooral de zoete blanca). Toetje: ensaimada of gató d’ametla (amandelcake), beide vaak met geconfijte sinaasappelschil. Drinken: vers geperst sinaasappelsap, lokale vermouth en herbas de Mallorca als digestief.

  • Ca’n Boqueta: Klassiek restaurant aan de Plaça Constitució, met meer dan vijftig jaar familietraditie. Specialiteiten: tumbet, arròs brut en lokale wijnen.
  • Bens d’Avall: Hooggewaardeerd Catalaans restaurant in de bergen ten westen van Sóller, met uitzicht over de Tramuntana tot aan zee. Reserveren noodzakelijk.
  • Sa Cova: Modern restaurant in een gerestaureerd herenhuis in het centrum, met seizoensgebonden Mallorquijnse keuken en een uitgebreide natuurwijnenkaart.
  • Restaurant Es Faro: Visrestaurant bij de vuurtoren van Cap Gros in de Port, met dagverse vangst en uitzicht over de baai.
  • Café Sóller: Café aan de Plaça Constitució, populair voor ontbijt met ensaimada en sinaasappelsap.
  • El Olivo: Mediterraan restaurant in het Hotel Gran Sóller, met klassieke Mallorquijnse gerechten.

Dagtrips vanuit Sóller

Sa Calobra en Torrent de Pareis

Sa Calobra is een kleine kustinham aan de monding van Mallorca’s diepste kloof, vijfendertig kilometer naar het noorden. De serpentineweg met haarspeldbochten is een belevenis op zich. Een halve dag is genoeg, inclusief reistijd. In de zomer is een vroege start of de boot vanuit Port de Sóller aan te raden vanwege de drukte.

Valldemossa

Valldemossa, op vijfentwintig kilometer naar het zuidwesten, is een bergdorp met het kartuizerklooster Real Cartuja, waar Chopin en George Sand de winter van 1838-1839 doorbrachten. Het dorp heeft smalle straatjes met groene luiken in de gevels en een goede selectie restaurants. Een halve dag volstaat.

Deià

Deià, op tien kilometer naar het zuidwesten, is een klein bergdorp dat bekend werd door de Engelse dichter Robert Graves. Hij woonde hier van 1929 tot zijn dood in 1985; zijn huis Ca n’Alluny is nu een museum. Het dorp ligt op een rotsige uitloop van de Tramuntana met uitzicht over de zee. Een halve dag.

Palma de Mallorca

Palma-De-Mallorca ligt op vijfendertig kilometer naar het zuiden en is bereikbaar in een uur per auto, of in een uur met het houten treintje. Een dagtrip naar de hoofdstad met de gotische La Seu-kathedraal en het oude centrum (Casc Antic) combineert prima.

Pollença en Cap de Formentor

Pollença en het noordelijke schiereiland Cap de Formentor liggen op zestig tot zeventig kilometer naar het noordoosten, een hele dag rijden in combinatie. De steile kliffen van Formentor en de Calvari-trap in Pollença zijn de hoogtepunten.

Alcúdia

Alcudia ligt op vijfenzeventig kilometer naar het oosten en combineert middeleeuwse stadsmuren, Romeinse ruïnes en lange zandstranden in één plek. Een lange dag inclusief lunch, of een nacht blijven slapen als je noord-Mallorca beter wilt zien.

Conclusie

Sóller is een van de aangenaamste bergstadjes van Mallorca. De combinatie van twee Modernisme-gebouwen op één plein (Sant Bartomeu en Banco de Sóller, beide van Joan Rubió i Bellver), een houten trein die er sinds 1912 een uur over doet vanuit Palma, een oranje tram uit 1913 die over straat naar de haven rijdt, en de Tramuntana op de UNESCO-werelderfgoedlijst als achterdek, vind je nergens anders op het eiland in deze samenstelling. Voor Nederlandse reizigers die Mallorca willen zien zonder de drukte van Magaluf of Palma Nova, en die zoeken naar bergsfeer in combinatie met cultuur en goede gastronomie, is dit een logische basis voor west-Mallorca. Met twee tot drie dagen doe je het stadje, de Port en een paar klassieke dagtrips. Voor wandelaars werkt een week prima om de Tramuntana grondig te zien.

Highlights Sóller

Sóller ligt in een dal in de Serra de Tramuntana op noord-Mallorca, omringd door sinaasappel- en olijfgaarden. Het centrum heeft twee Modernisme-gebouwen van Joan Rubió i Bellver (een leerling van Gaudí): de kerk Sant Bartomeu en de Banco de Sóller op de Plaça Constitució. Vanuit Palma rijdt sinds 1912 een houten trein door dertien tunnels naar het station; vandaar dekt de oranje tram uit 1913 de vijf kilometer naar Port de Sóller. De Tramuntana staat sinds 2011 op de UNESCO-lijst als cultureel landschap.

Veelgestelde Vragen

April tot juni en september tot oktober. In die maanden ligt de temperatuur tussen de zestien en vijfentwintig graden, staan de sinaasappel- en citroenbomen in bloei en zijn de wandelpaden in de Tramuntana goed begaanbaar. Juli en augustus tikken in het dal vaak boven de dertig graden aan; in Port de Sóller is het dan druk, maar in het stadje zelf zorgen de bergen voor wat koelte. Mei is om twee redenen aantrekkelijk: de bloesem, en het Festes des Firó in de tweede week, een herdenking van de Moorse aanval van 1561. Winter (december tot maart) is mild met zo'n vijftien graden overdag, prima voor wandelaars. Wel ligt de zee ruwer bij de Port en is een deel van de hotels dicht.
Vlieg naar Palma de Mallorca (PMI). Vanaf daar zijn er drie routes. De leukste is het houten treintje (Ferrocarril de Sóller) vanuit Palma, dat er sinds 1912 ongeveer een uur over doet door tunnels en olijfgaarden. De auto-route via de tunnel onder de Coll de Sóller doet er vijfendertig minuten over en is jaarrond open. De oude bergpas erboven duurt vijftig minuten en heeft uitzichten over het dal, prettig als je geen haast hebt. Met de bus rijdt lijn 204 van Palma naar Sóller, ook ongeveer een uur. Vanuit Alcúdia of Cala Millor heb je een huurauto nodig.
Het Ferrocarril de Sóller, in het dal gewoon es Tren genoemd, is een van de oudste nog werkende elektrische treinen van Spanje. De lijn opende in 1912 om de sinaasappelen uit het dal naar de markt in Palma te krijgen; de bergpas was te steil voor karren met zware ladingen. De houten wagons en messing-interieurs zijn de originele uit 1912, gerestaureerd maar grotendeels onveranderd. De rit van vijfentwintig kilometer gaat door dertien tunnels (samen bijna drie kilometer), over viaducten en langs olijf- en sinaasappelgaarden, en duurt een uur. Voor de aansluiting naar de kust rijdt sinds 1913 (niet 1929) de oranje tram in een kwartier van het Sóller-station naar Port de Sóller.
Twee dagen werkt goed voor Sóller en de Port. In één dag doe je het stadje (Plaça Constitució, Sant Bartomeu, Banco de Sóller, de markt) en een halve middag aan zee, met de tram heen en terug. Met twee dagen kun je er ook de Jardí Botànic en de Miró- en Picasso-zaaltjes bij het station bij doen, plus de wandeling over de Camí des Barranc tussen stad en haven. Wie de Tramuntana in wil, plant drie dagen, met uitstapjes naar Sa Calobra, Valldemossa en Deià. Voor wandelaars is een week in Sóller goed te besteden via de routes door het UNESCO-gebergte.
Modernisme is de Catalaanse tak van Art Nouveau, rond 1900 ontstaan in Catalonië en de Balearen. Antoni Gaudí is de bekendste naam; verschillende van zijn leerlingen werkten ook op Mallorca. In Sóller staan twee belangrijke Modernisme-gebouwen, allebei van Joan Rubió i Bellver, een leerling van Gaudí. De Església de Sant Bartomeu kreeg tussen 1904 en 1908 een nieuwe gevel met getordeerde zuilen, plantachtige ornamenten en gekleurde mozaïeken. De Banco de Sóller op hetzelfde plein, uit 1912, heeft smeedijzeren balkonwerk in bladmotieven, kerkraampatronen en een hoekige torenspits. Beide staan recht tegenover elkaar op de Plaça Constitució en zijn vrij te bekijken.
De keuken in het dal leunt sterk op het seizoen, met de eigen sinaasappel- en olijfgaarden als basis. Probeer pa amb oli (brood met olijfolie en tomaat), tumbet (gestoofde groenten), arròs brut (rijst met varkensvlees en konijn), llom amb col (varkensvlees in koolblad), en in het seizoen taronges de Sóller, vooral de zoete blanca. Als toetje een ensaimada of gató d'ametla (amandelcake), regelmatig met geconfijte sinaasappelschil uit het dal. Drinken: vers geperst sinaasappelsap (de cafés op de Plaça Constitució doen niet voor elkaar onder), lokale vermouth en herbas de Mallorca als digestief. Lunchen in de Port met de vis van die ochtend is een vast onderdeel van een bezoek.
Sóller is een handige uitvalsbasis voor west-Mallorca. Sa Calobra ligt vijfendertig kilometer naar het noorden: een serpentineweg met meer dan een dozijn haarspeldbochten en aan het einde een kiezelstrand bij de monding van de Torrent de Pareis. Valldemossa, vijfentwintig kilometer naar het zuidwesten, heeft het kartuizerklooster waar Chopin en George Sand de winter van 1838-1839 doorbrachten. Deià, op tien kilometer, is het bergdorp waar de Engelse dichter Robert Graves van 1929 tot 1985 woonde. Op drieëntwintig kilometer naar het zuidwesten ligt Banyalbufar met zijn terraslandbouw aan zee. Wandelaars lopen vanuit Sóller een deel van de GR-221 (Ruta de Pedra en Sec), een meerdaagse route dwars door de Tramuntana van Pollença naar Andratx.
Beeldverantwoording

Beeldmateriaal op deze pagina via Wikimedia Commons en Wikipedia.

x
This website uses cookies to ensure you get the best experience on our website. Read our policy here.